VRAGENLIJST TWAALFDE DORPSKWIS 11 SEPTEMBER 1993 |
![]() |
|
| Vraag 2 | ||||
| De weg van Hulshout naar Poppel
is lang, zeer lang. Na een afmattende marathonvergadering bij de Kwispels ten huize van
een niet nader te noemen kwismaster, vatte ik de terugtocht aan. Omwille van het feit dat dit nu wel eens een zwoele zomeravond kon genoemd worden, althans naar Belgische normen en omdat ik het enorme winstbedrag van de vorige quiz op zak had, besloot ik onderweg halt te houden. Via een kleine omweg stapte ik het eerste het beste café binnen. Dit instituut droeg de naam Beiaard. Na twee frisse pinten hield ik het hier voor bekeken. Via den Ossepoot en de Max belandde ik in het Brouwershuis. Na overvloedig kennis te hebben gemaakt met ridder Primus, besloot ik het Gildenhuis te verkennen. Na de zaak mede gesloten te hebben, verwees men mij naar het Kroegske. Ik kon echter niet aan de verleiding weerstaan om binnen te stappen in de Kluis, den Baccus en de Madson. Kroegske bleek ondertussen gesloten te zijn. Het was enkel de Stadspoort die nog open was. Op mijn weg hierheen kocht ik nog toebak in de Pijp, nen allumeur in de Ton en blerrekes in 't Stoopke. Na deze kroegentocht wist ik echter niet meer in welke gemeente ik was. Weet u het misschien? |
||||
|
||||
| Vraag 4 | ||||
| "Was ik een vrouw zonder
geheimen, dan zou ik geen schrijfster zijn". En daarom heeft ze 'Wit zand'
geschreven, een roman met als cruciale vraag: Hoe ga je om met de dood. Graag de naam van deze schrijfster. |
||||
|
||||
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
||||||
|
|
|||||||||